Slapen op een Frans matras onder de sluier van le Mont Blanc

Gepubliceerd op woensdag 17 juli 2019 in Grandes Alpes 2019

Bjarne Riis, zegt ze. Je hebt vannacht geslapen in het bed van Bjarne Riis! De hoteleigenaresse dikt het verhaal hier en daar mooi aan, maar mijn nachtrust van dinsdag op woensdag heb ik kennelijk genoten in een hotel waar Team Deutsche Telekom ooit in de Tour heeft gelogeerd. Het verhaal klopt van geen kant, heb ik inmiddels opgezocht. Riis was als renner al lang gestopt toen Morzine in 2003 voor de eerste keer een finishplaats in de Tour de France was. Het kan dat de Telekom-ploeg jaren daarvoor wel eens in Morzine heeft overnacht, maar dat deze mevrouw denkt dat Riis net als ik Nederlander is, doet me opeens aan alles twijfelen.

Het is elke dag maar weer afwachten wat voor een bed je aantreft in al die Franse hotels. Op het bed van Riis heb ik op zich niets aan te merken, getuige ook dat ik van negen tot zes aan één stuk heb doorgeslapen. Mijn lichaam was daar na de eerste etappe kennelijk al heel hard aan toe. Maar over het algemeen zijn de Franse hotelbedden net als hun koffie ruk. Het is niet voor niets sommige renners hun eigen koffiemolentje met zich meezeulen (in de koffer) en dat alle grote wielerploegen tegenwoordig hun eigen matrassen meenemen tijdens grote rondes, van hotel naar hotel naar hotel. Maar dat was in de tijd van Riis nog niet zo. Ach, hij won zijn Tour de France dan ook in de apotheek in plaats van in bed, zoals Joop. Al wist laatstgenoemde de weg naar de apotheek ook wel te vinden.

Mijn tweede etappe van mijn alternatieve Route des Grandes Alpes begint dus bij het hotel in Morzine. Aan EPO kan ik je niet helpen, maar ik heb wel lekker vers water van de tap voor je, wordt me toevertrouwd. Ik vul mijn beide bidons met inderdaad heerlijk fris water en stap op mijn fiets. Er wordt me een goede reis gewenst en me op het hart gedrukt volgende week verstandig om te gaan met het weer. Want het wordt erg warm in Frankrijk. Ik groet terug, sla linksaf, en weg ben ik. Zo de Col de Joux Plane op!

De Joux Plane is eigenlijk best wel een pokkenklim. Mijn benen zijn nog stram van de eerste etappe en ik lijk maar moeilijk vooruit te komen. Dat kan ook komen door het feit dat de klim nou niet echt lekker en regelmatig loopt: acht procent, zeven, negen, acht, tien, zes. Ik ga vooruit maar het gaat langzaam. Het is nog geen tien uur in de ochtend en het zweet gutst me van de kop. Goed drinken. Tot aan de Col du Ranfolly - vier kilometer voor de Joux Plane - zie ik eigenlijk vooral asfalt, maar daarna is daar geen tijd meer voor. Op een wat vlakker stuk weg vlak onder de top, heb je een schitterend uitzicht op de Mont Blanc. Ik bof dat het vandaag strakblauw is en krijg Europa?s hoogste in volledige glorie te zien. Het is een schitterend uitzicht onder de stralende zon, zeurende benen zijn dan gauw vergeten.

Na een makkelijk stuk tussen Samoëns en Taninges en een soepel overgangsklimmetje genaamd Côte de Châtillon-sur-Cluses leg ik in Cluses aan bij de Lidl. Ze hebben geen dranken in de koeling maar ik heb zo dorst dat ik een halve liter melk, een liter nectarine-sap en een blikje cola uit de schappen gris. Alles lauw, maar voor drie euro eenenvijftig hoor je mij niet klagen. De melk en cola giet ik naar binnen en de sap gaat in een van beide bidons. Het is dan twaalf uur geweest en ik ben halverwege etappe 2, goed op schema dus. Opnieuw moet ik echter een col doorstrepen op de verkeerde manier: de Col de Romme is vanuit Cluses namelijk weer vanaf 19 juli bereikbaar. Een streep door de rekening en dus blijft alleen de Col de la Colombière over.

De Colombière, niet te verwarren met de Grand Colombier ten noorden van Annecy, is al net zo onregelmatig als de Joux Plane al zijn de stijgingspercentages in de eerste tien kilometer een stuk aangenamer. Ik ga absoluut niet als een speer, zeg maar gerust langzaam, maar tot aan Le Reposoir ga ik best wel okee omhoog. Daarna wordt het een hel en komen we niet meer onder de negen procent. Ondertussen word ik op Granon-achtige wijze (insiders weten wat ik bedoel) van alle kanten bestookt door steekbeesten in alle vormen en maten, dus stoppen is er onderweg ook niet bij. De laatste twee kilometers zijn loodzwaar en ik slinger van links naar rechts over de weg. Riis zou me hier nog achterstevoren op zijn fiets uit het wiel rijden, maar ik ben al lang blij dat ik überhaupt vooruit kom. Op de top ben ik zielsgelukkig en lach ik om de prijs van één blikje cola. Ik bestel er twee en reken zes euro af!

De afdaling is bijna 25 kilometer lang en gaat naar La Clusaz in plaats van Thônes. De bedden zijn hier namelijk vijftig euro goedkoper en ik hoef bovendien geen concessies te doen in de cols van morgen. Op de hotelkamer - het lijkt vooralsnog opnieuw een prima bed - zie ik Dylan Groenewegen in een fotofinish tweede worden in de Tour. De Ronde van Frankrijk is voor de Jumbo-Visma-ploeg tot nu toe meer dan dikke prima, maar Dylan zal toch slechter slapen dan ik. En dat nog wel op zijn eigen matras!

Afgestreepte cols

17 Jul 2019
Col du Ranfolly
1.650m
17 Jul 2019
Col de Joux Plane
1.700m
17 Jul 2019
Col de la Colombiere
1.618m
17 Jul 2019
Col de St Jean de Sixt
956m